AGENDA

Nieuw! Volg WPS op...

Volg WPS op Twitter

...voor het laatste nieuws over sterrenkijkavonden & andere activiteiten!

Blijf op de hoogte ...

Stuur ons een e-mail!

Indien u via e-mail op de hoogte wilt blijven van onze (ook onverwachte) Sterren-kijkavonden - laat ons weten!

Is de ISS zichtbaar ?

ISS

 

Foto ISS door Hans Keuning, 13 september 2009

 

Het Internationale Space Station (ISS) is vaak helderder dan Jupiter. Klik hier om te zien wanneer het ISS zichtbaar is over ons gebied.

 

Voor andere "fly-by's", klik hier

Maak kennis met Zenit... 

 

Zenit

 

Zenit is een populair-wetenschappelijk maandblad over sterrenkunde, weerkunde en aanverwante wetenschappen. Lees meer over Zenit.

WormholesWormgaten

Inleiding tot de presentatie van Tjibaria Pijloo, Studentambassadeur Sterrenkunde, studerende aan de Sterrenwacht (van de Universiteit van) Leiden, op 17 sept. 2009

 

 

Als een worm van de ene naar de andere kant van een appeltje wil, dan kan hij rondom het appeltje gaan, of hij kan een gaatje maken, waardoor hij binnendoor kan gaan. Als hij een gaatje maakt - een wormgat - dan hoeft hij een korter stukje te reizen en is hij sneller aan de andere kant van de appel. Zo zijn ook de wormgaten in de natuur- en sterrenkunde "shortcuts": shortcuts in plaats én tijd. 

De Algemene Relativiteitstheorie van Einstein staat toe dat wormgaten, waaronder ook de bekende Einstein-Rosen bruggen, kunnen bestaan. Deze wormgaten zijn gedefinieerd als structuren die twee ruimtetijd-coördinaten verbinden. Dit zou betekenen dat door het bestaan van wormgaten het niet alleen mogelijk zou zijn om binnen korte tijd enorme afstanden af te leggen, maar ook om in de tijd te reizen.

Via de zwarte gaten komen in de lezing begrippen als relativiteit en 4D-ruimtetijd aan de orde, om uiteindelijk in te gaan op wormgaten en de nodige vragen die ze oproepen.

Sterrenkijkavonden

Gravitatiestraling: wachten op botsende zwarte gaten

Inleiding tot de presentatie van Prof. Dr. John Heise, SRON Utrecht, op donderdag 15 oktober 2009

 

 

Bijna alles wat wij van het heelal weten, komt doordat wij ZIEN: dus via elektromagnetische straling zoals licht en radiogolven. Een geheel nieuwe sterrenkundige wereld gaat open door te gaan VOELEN. Op verschillende plaatsen op aarde staan uiterst gevoelige seismometers klaar om trillingen van de ruimte zelf te registreren, de zgn. zwaartekrachtstraling. In wezen is iedere baanbeweging van sterren en planeten een bron van zwaartekrachtstraling, maar zwaartekrachtstraling is heel zwak en de allereerste trillingen van deze aard verwachten we van de meest krachtige gebeurtenissen: de botsing tussen compacte sterren (neutronensterren en zwarte gaten).

Binnen enkele jaren verwachten we de eerste detectie, maar het kan ook morgen al plaats vinden. In deze lezing leg ik uit wat zwaartekrachtstraling is en geef ik een beschrijving van  zulke seismometers. Het wachten is op een beving met de kracht van -25 op de schaal van Richter, die overal op aarde (bijna) tegelijk gevoeld wordt.

Aardscheerders

Inleiding tot de presentatie van Dr. P. R. Wesselius, SRON Groningen, op donderdag 19 november 2009

 

 

In 2008 hebben we ‘gevierd’ dat er 100 jaar geleden, op 30 juni 1908, een (zeer vermoedelijk) meteoroïde van 60 meter diameter neerkwam bij Tunguska in Siberië, op een paar honderd kilometer van de plaats Krasnoyarsk. Die meteoroïde verpulverde op een hoogte van zo’n 8 km, maar de resulterende hitte- en schokgolf vernietigde een stuk bos van een paar duizend vierkante kilometer. Neerkomen midden boven New York zou de gehele stad weggevaagd hebben.

Deze gebeurtenis en de resten op Aarde van andere meteoroïde-inslagen hebben geleid tot een grote inspanning om alle asteroïden, die in de buurt van de Aarde komen, in kaart te brengen. Daarvoor zijn diverse dure instrumenten gebouwd. Binnen duizend jaar zal er (statistisch natuurlijk!) weer een Tunguska-gebeurtenis plaatsvinden. Dat wil de mensheid proberen te regelen: de baan zo veranderen dat de Aarde niet getroffen wordt. Neerkomen in zee is zo mogelijk nog slechter dan op de grond: een verschrikkelijke tsunami zou kustgebieden overstromen met een golf van wellicht 100 meter hoog. 

Paul Wesselius heeft sterrenkunde gestudeerd in Amsterdam (1961-1967) en is later gepromoveerd in Groningen (1972) over interstellaire materie (metingen met het pas benoemde cultuurmonument, de radiotelescoop in Dwingeloo). Hij heeft van 1973 tot 2005 bij Ruimteonderzoek in Groningen gewerkt, aan de ANS, IRAS, ISO en Herschel. Een paar jaar heeft hij gewerkt aan detectie van ruimteschroot m.b.v. IRAS-gegevens.

Opwarming (CO²), Afkoeling  (Ijstijd)  en de  Zonneactiviteit

Inleiding tot de presentatie van Dr. J.G.D. Lambert, bioloog, tot voor kort Voorzitter Geologisch Museum Hofland, op donderdag 10 december 2009

 

 

De basisfactor waardoor het klimaat op aarde bepaald wordt is de mate van instraling van  zonne-energie.  Dit bepaalt primair de hoeveelheid warmte die op aarde komt. De afstand aarde-zon varieert en dus ook de instraling.  Glacialen (ijstijden) worden afgewisseld met interglacialen. Daarnaast zorgen CO² en waterdamp in de atmosfeer ervoor dat de warmte wordt vastgehouden en de gemiddelde wereldtemperatuur +15°C is. Ideaal voor het leefklimaat. Zonder CO² zou de gemiddelde wereldtemperatuur -18 °C zijn. Dus een volledig bevroren aarde waarop geen leven mogelijk was.

Miljoenen jaren is de concentratie CO² min of meer gelijk gebleven, maar sinds de industriële revolutie is de CO² concentratie toegenomen en vanaf 1950 versneld met als gevolg een stijging van de temperatuur. In de dramatische voorspelling van Al Gore zal tegen het eind van deze eeuw door menselijke activiteit de concentratie zo zijn toegenomen dat de wereldtemperatuur met 6 graden is gestegen en Nederland half onder water zal staan. Loopt het echt zo’n vaart? Als er wereldwijd niets ondernomen wordt dan kan hij wel eens gelijk krijgen.  Wat gebeurt er bij een stijging van 1˚, 2˚, 3˚, 4˚, 5˚, 6˚C ?  Zeespiegelstijging?  Enorme droogte? Uitbreiding woestijnen? De veranderingen zullen dramatisch zijn. Niet voor de aarde, die redt het wel. Maar de mensheid??  Een ‘point of no return’ ligt ongeveer bij een stijging van 3˚C. Dat komt overeen met een CO² concentratie van 500 ppm (nu 387, was 280). Hopelijk zullen we die nooit bereiken! Het streven is wereldwijd de CO² uitstoot zodanig te verminderen dat de temperatuurstijging de 2˚C niet overschrijdt.

Een regulerende factor van geheel andere aard is de zonneactiviteit  (zonnewind), te zien in de vorm van zonnevlekken en noorderlicht. De zonnewind vormt een scherm van geladen deeltjes rondom ons planetenstelsel. Dit scherm fungeert als een filter voor de altijd aanwezige kosmische straling uit de ruimte en, zegt de theorie, voorkomt  daardoor wolkenvorming want kosmische stralingsdeeltjes zouden wolkenvorming kunnen bevorderen. Wolken die op hun beurt de instraling van de zon doen verminderen. Momenteel is de zonneactiviteit laag, dus weinig filtering en daardoor hogere kosmische stralingsactiviteit met wolkenvorming als resultaat. Afkoeling! Elfstedentocht?

De Vorming Van Sterren en Sterrenhopen

Inleiding tot de presentatie van Marcel R. Haas MSc., Sterrenwacht Leiden, op donderdag 21 januari 2010

 

 

Wanneer we naar de hemel kijken is deze bezaaid met sterren. De meeste sterren die we zien staan schijnbaar in hun eentje (of hebben een nabije buur, een dubbelster). Als we inzoomen op de Melkweg, en kijken in de richting van een stervormingsgebied, dan zien we dat sterren altijd in flinke groepen geboren worden. Deze groepen zijn de open sterrenhopen. Hoe kan het dat veruit de meeste sterren single zijn (of een partner hebben), terwijl ze in grote groepen worden geboren?

We zullen in de lezing ingaan op het proces van de stervorming uit grote gaswolken. We kijken hierbij vooral op grote schaal: hoe vindt het stervormingsproces plaats op de schaal van sterrenstelsels? Vervolgens zullen we kijken naar de verdere evolutie van de sterhopen die hierbij gevormd worden. Allerlei processen zorgen ervoor dat deze sterhopen hun sterren verliezen en dat ze langzaam uit elkaar getrokken worden. De meeste sterrenhopen zijn gedoemd al op vroege leeftijd te overlijden. Is het bestaan van oude sterhopen, zoals bolvormige sterhopen, slechts toeval?

Marcel Haas (1983) is een bijzondere spreker: Al toen Marcel een klein jongetje was begon zijn fascinatie voor de sterrenkunde. Op jonge leeftijd verslond hij boeken over sterrenkunde en tuurde hij tijdens heldere nachten met zijn telescoopje uit het raam naar de sterrenhemel. Toen in 2001 de KNVWS 100 jaar oud was, kwam hij voor het eerst in aanraking met de professionele sterrenkunde: Marcel won met een waarneemvoorstel een reis naar de Very Large Telescope in Chili en mocht aldaar de voorgestelde waarnemingen uitvoeren op 's werelds grootste spiegeltelescoop. Na een studie van 5 jaar behaalde hij zijn Master of Science titel aan de Universiteit Utrecht op een onderzoek naar de evolutie van sterrenhoop-populaties. Momenteel is hij in Leiden bezig met zijn promotieonderzoek, waarin hij aan de hand van computersimulaties kijkt naar de vorming en evolutie van sterrenstelsels.

Tot zover een tekst op de website van "Jean Delsing" (KNVWS afdeling Venlo).

Marcel is eind 1995 lid geworden van de NVWS en daarmee van onze Afdeling, maar al voor zijn 11e verjaardag vroeg zijn moeder onze Afdeling om advies voor de aanschaf van een beginnerstelescoop! Sinds 2001 is hij bestuurslid (eerst penningmeester, nu voorzitter) van de Jongerenwerkgroep voor Sterrenkunde van de KNVWS.

De Nieuwe Sterrenkunde: Van Radio- tot Gamma-astronomie

Inleiding tot de presentatie van Drs. Jos Loonen, Berkel-Enschot, op donderdag 18 februari 2010

 

 

De sterrenkunde is in de afgelopen 65 jaar spectaculair veranderd. Tot 1945 was visuele informatie volledig dominant, maar daarna werden in snel tempo andere golflengtegebieden geopend: radio, infrarood en ultraviolet, röntgen en gamma. De ruimtevaart en nieuwe technieken van detectie en beeldverwerking hebben de astronomie veranderd: veel van de kleurrijke "foto’s" in astronomische tijdschriften zouden door onze grootouders totaal niet herkend zijn.

In de lezing wordt ingegaan op deze nieuwe astronomie: hoe de hemel eruit ziet in niet-optische golflengtegebieden, wat we daardoor meer weten over bestaande hemelverschijnselen en hoe we zijn geconfronteerd met volledig nieuwe objecten en gebeurtenissen.

Sterrenkaarten

Van Regenbogen tot Buitenaardse Vulkanen: Presentatie van onze Werkgroep Praktische Sterrenkunde

Inleiding tot de presentaties van onze WPS leden op do. 18 maart 2010   

 

 

Wist u dat één van de manen van Jupiter ruim 400 actieve vulkanen heeft – maar liefst 7 keer zoveel als er per jaar op Aarde actief zijn? Of dat de hoogste vulkaan in onze zonnestelsel zich op Mars bevindt en 3 keer zo hoog is als Mount Everest? Of dat iedere dag de Aarde wordt gebombardeerd met tonnen materiaal vanuit de ruimte? En dat je zelfs met een amateur telescoop een exoplanet rond een andere ster kan waarnemen?

De leden van de Werkgroep Praktische Sterrenkunde van KNVWS ’t Gooi houden op 18 maart hun Presentatieavond voor leden en belangstellenden. Na een korte astronomische reis door verleden, heden & toekomst zullen vier andere leden achtereenvolgens vertellen over een aspect van de weer- of sterrenkunde. De onderwerpen variëren van eigenaardige lichtverschijnselen die te zien zijn uit een vliegtuigraam tot buitenaards vulkanisme, asteroïden en ruimtestof en de jacht op exoplaneten met kleine telescopen.

Programma :

Ruud Zappeij          Een astronomische reis door verleden, heden & toekomst

Joost van Iersel      Asteroïden en ruimtestof

Dik Riphagen          Buitenaards vulkanisme

Lynn van Rooijen    Jacht op exoplaneten met kleine telescopen

Günther Können      Eigenaardige lichtverschijnselen vanuit een vliegtuigraam

 

De toekomst van het Zonnestelsel

 Inleiding tot de presentatie van Drs. Edwin Mathlener, Utrecht, op 15 april 2010

 Op deze avond ook onze korte JAARVERGADERING

 

Ongeveer 4,5 miljard jaar geleden is de zon met zijn planetenstelsel ontstaan uit een grote samentrekkende gaswolk. Sindsdien schijnt de zon met een opmerkelijk constante helderheid, maar schijn bedriegt. In die tijd is de zon zo'n 10% in helderheid toegenomen. Dat het hier op aarde niet evenzeer warmer is geworden, ligt vooral aan de temperatuurshuishouding van onze planeet. Maar uiteindelijk zullen we hier op aarde de effecten gaan merken. Ofschoon de zon nog ruim 5 miljard door kan gaan met waterstof verbranden in zijn kern, wordt het waarschijnlijk over 1 miljard jaar al te heet op aarde om leven mogelijk te laten zijn. Maar Mars warmt tegen die tijd geleidelijk op en krijgt een geschikter klimaat om leven te onderhouden. Nog warmer wordt het als de zon opzwelt tot rode reus. Mercurius, Venus en waarschijnlijk ook de aarde zullen door de reus worden doodgekookt en opgeslokt. Maar de ijsmanen van de reuzenplaneten zullen dan juist smelten en grote oceanen krijgen. Maar uiteindelijk eindigt de zon als een afkoelende witte dwerg, en de resterende planeten en manen gaan tegen die tijd opnieuw, en nu voorgoed, in de diepvries.


In deze tijd zal echter ook de omgeving van de zon veranderen. De Andromedanevel beweegt langzaam maar gestaag naar onze eigen Melkweg en uiteindelijk zullen deze twee stelsels samensmelten. Bij zo'n versmelting worden vele sterren weggeschoten uit de stelsels en daar zou ook onze zon bij kunnen horen. Tot slot zullen we speculeren over de verre toekomst van het heelal en de gevolgen voor onze zon -- of voor wat daar dan nog van over is.